Het kikkermeisje en de Prins


Kom, kom, kom riepen de kikkertjes naar elkaar. We gaan naar boven het is heerlijk weer en we hebben lang genoeg in de modder gelegen. Ons huidje is weer helemaal gezuiverd.
Zo snel als ze konden zwemmen gingen de groene beestjes naar de oppervlakte van de vijver. De zon scheen, de plantjes waren al aan het groeien en zelfs de vissen waren uit hun winterslaap ontwaakt.
Laten we gaan spelen, riep een wat oudere kikkerjongen. “Wat voor spelletje dan?" vroegen de anderen. "We kunnen vliegjes vangen of we gaan kikkertje spelen"; zei de jongen. “Kikkertje” riep de rest, “wat is dat? ” Kikkertje":  zei de grotere jongen is net als wat de mensen tikkertje noemen, de meisjes gaan eerst zwemmen en dan gaan wij, de  jongens er achter aan. Als je aangeraakt wordt dan ben je af en mag je een wens doen. Ik tel tot 10 en dan gaan de meisjes zwemmen, maar je mag niet het water uit. Bij twintig komen de jongens achter jullie aan, iemand nog vragen?
 
 
Bij 10 stoven de kikkermeisjes weg, ze gingen alle kanten op want was een hele grote vijver. Twintig, riep de oudere jongen en alle kikkerjongetjes gingen driftig rondzwemmen om te kijken waar de meisjes uithingen.

De oudere kikker had zijn zinnen gezet op een heel mooi kikkermeisje dat heel uitdagend naar hem had zitten kijken. Doordat hij ouder en daardoor sterker was kon hij ook sneller zwemmen en in de buurt van de waterlelie zag hij haar zitten. Kikkie riep hij, je bent af. Ja, zei het kikkermeisje zwoel, je hebt gewonnen. Nu krijg je een beloning kom eens achter me zwemmen? "Wat gaan we doen": vroeg de kikkerjongen. Wij gaan dansen, we gaan de kikkerdans doen. Of weet je wat laten we gaan daggeren. "Baggeren"; zei de jongen, we komen net uit de modder. Nee daggeren, dat is een hele leuke dans afkomstig uit Jamaica waarbij het meisje met haar billen tegen de jongen aan schuurt.
"Kunnen we niet gewoon zoenen"; vraagt de kikkerjongen, ik ben niet zo’n goede danser. Oh nee, riep het kikkermeisje, een van mijn voorouders heeft dat een keer gedaan, hij werd door een mensenkind uit het water getild en dat meisje gaf hem een zoen. Wat toen, wat toen, vroeg de kikkerjongen, hij had haast want hij wilde zoenen. Mijn betovergrootvader veranderde daarna in een mens, ja zelfs in een prins. Wow, cool riep de kikkerjongen. Maar dat zijn sprookjes, dat kan helemaal niet. "Weet je wat"; zei hij we gaan eerst zoenen en dan gaan we die daggerdans van jou doen.

Zoenen
Hij raakte met zijn voorpootjes het kopje van het kikkermeisje aan, ze sloot haar ogen en wachtte wat er ging komen. Dat had ze nog nooit gedaan. De kikkerjongen plaagde haar eerst met zijn enorme tong en kuste haar daarna vol op de mond.
Wat er toen gebeurde lijkt onwerkelijk. De kikkerjongen veranderde in een mensenkind, ja in een prins. Het groene pakje had plaats gemaakt voor een roze velletje. “Daar gaat mijn dans” schreeuwde het kikkermeisje en viel flauw.


Hoe het verder afloopt? Zoals elk sprookje.

Sinterklaas, Kerstman en Paashaas, feesten vol uitbuiting

De gemoederen in Nederland lopen hoog op. Normaal gebeurt dat tijdens hete zomers, wanneer de hersens overmatig verwarmd zijn en alcohol d...