Nadat Thebe Ce de mooie leeftijd van 6 jaar had bereikt, kwam voor Theodoor een keerpunt. Hij had zichzelf namelijk bij de geboorte van zijn zoon al voorgenomen hem alles te leren wat nodig was om een uitzonderlijk tennis speler te worden. Daarom kreeg Thebe Ce in de wieg al een racket in zijn handen om aan het gevoel te wennen. Dit gaf wel de nodige problemen bij het kindermeisje, want alles wat in de wieg en later in de box lag werd door de jongen met een zwieperd de kamer ingejaagd. Maar wat een voldoening gaf dit voor de familie als Thebe Ce ’s avonds lekker lag te slapen met een tennisbal in zijn handen. Ook een gevoel van veiligheid, want een tennisbal stop je niet zo gauw in je mond en het heeft geen oortjes en oogjes die ervan af gepeuterd kunnen worden zoals bijvoorbeeld bij een beer.
t ‘ie gelijk aan de Isostar gezet. Voor een jongen van 5, een crack in de dop, was dit de beste drank vonden zijn ouders. Op zijn zesde verjaardag kreeg hij een heuse bespanning set en drie kilo van de beste snaren. Om het sociale gevoel bij de jongen bij te brengen werd hij eerst in een tennisklasje geplaatst. Samen met 3 andere kinderen kreeg hij les op de tennisvereniging Huizen. Als vader daar groot kon worden, kon zoon het ook, zo redeneerde Theodoor, bovendien was Rene Wittenborg een vriend van hem. Thebe Ce was wel een kop groter dan de andere jongens en had bovendien een paar knuisten als een volwassen man. De eerste bal die Rene aanspeelde werd dan ook met een forse mep teruggeslagen, helaas op de linker oogbol van de trainer. De arme Rene heeft gelukkig het werk na 2 weken kunnen hervatten. In de tussentijd gaf Teut zelf maar training. Echte sportlui hebben een floers voor de ogen als ze een wedstrijd spelen, dus werd de zoon getraind in de vaktaal: “haat je tegenstander, toon geen medelijden, sla recht op het lichaam, trek je niets aan van blessures, intimideer met je ogen en je lichaamstaal en slaak af en toe een forse vloek”. Dat had Thebe Ce zich goed in de oren geknoopt. Hij stond als een echte pro te trainen, vloekte, zuchtte en wierp zich voor elke bal die over het net kwam, helaas voor zijn tennispartner en voor de tennissers op de naburige banen. Die komt er wel, zeiden de mensen aan de kant van de baan als ze hem zo zagen oefenen. Die zal nooit vrienden maken, zeiden de medespelers in het veld.
Thebe Ce had het goed voor elkaar, die zou nog wel eens van zich laten horen.




