Theodoor was nu al een seizoen lid van de tennisvereniging en had steeds vol bewondering gekeken naar de heer Bolkenstein, de groundsman. Die man had echt liefde voor zijn werk. Nu ja, bedacht hij, dat zou ik ook hebben als ik eigenaar van zo’n mooi tennispark was. Niet alleen was hij ’s morgens de eerste om het clubhuis te openen, ook ’s avonds en in de weekenden was de heer Bolkenstein nog op de club te vinden. Hij zorgde altijd voor de eerste koffie, zodat de vroege bardienst eerst goed wakker kon worden maar zorgde er ook persoonlijk voor dat de avondbardienst meteen aan het werk kon. Ik zou wel eens een dagje mee willen lopen, dacht Theodoor. Dan kan ik later als ik veel geld gespaard heb, misschien ook wel een tennisparkje kopen.
Koning te rijk
Zo gevraagd, zo gedaan. De heer Bolkenstein had daar helemaal geen bezwaar tegen en zei Theodoor zich de volgende dag te melden om 8.00 uur precies. Theodoor was de koning te rijk. Hij had een schitterende droom, hij liep met een pet in de vorm van een kroon over een heel groot tennispark. Achter hem liepen wel tientallen jonge vrouwen die hem vroegen om zijn gade te mogen worden. Maar hij zei alleen; “Diegene die deze tennisschoen past, is de toekomstige mevrouw Teut”. Gillend storten de vrouwen zich op de tennisschoen om hem te passen en ….. toen werd hij wakker. De rest van de nacht deed hij van spanning geen oog dicht. Hij had ’s avonds zijn ouders gebeld en die deelden zijn enthousiasme. En broer Hendrik, de autoriteit op tennisgebied, zei hem: “Dit is je kans, broertje, grijp hem met beide handen”. Zijn broer placht zich altijd erg zakelijk uit te drukken. Hendrik had dan ook voordat hij werkeloos werd, jaren op de markt gestaan met borstels en kammen, zodat t’ie heel goed wist waar Abraham de ketchup haalde. Theodoor zag de heer Bolkenstein altijd met een petje op lopen en dacht eraan dat hij op zolder ook een baseballpet had liggen met daarop de woorden DOG. Eens gekregen van een meisje die hij jarenlang tevergeefs achterna was gelopen. Ze had Theodoor verteld dat DOG een hele beroemde Amerikaanse footbalclub was, dus hij was er wat trots op.
Zo gevraagd, zo gedaan. De heer Bolkenstein had daar helemaal geen bezwaar tegen en zei Theodoor zich de volgende dag te melden om 8.00 uur precies. Theodoor was de koning te rijk. Hij had een schitterende droom, hij liep met een pet in de vorm van een kroon over een heel groot tennispark. Achter hem liepen wel tientallen jonge vrouwen die hem vroegen om zijn gade te mogen worden. Maar hij zei alleen; “Diegene die deze tennisschoen past, is de toekomstige mevrouw Teut”. Gillend storten de vrouwen zich op de tennisschoen om hem te passen en ….. toen werd hij wakker. De rest van de nacht deed hij van spanning geen oog dicht. Hij had ’s avonds zijn ouders gebeld en die deelden zijn enthousiasme. En broer Hendrik, de autoriteit op tennisgebied, zei hem: “Dit is je kans, broertje, grijp hem met beide handen”. Zijn broer placht zich altijd erg zakelijk uit te drukken. Hendrik had dan ook voordat hij werkeloos werd, jaren op de markt gestaan met borstels en kammen, zodat t’ie heel goed wist waar Abraham de ketchup haalde. Theodoor zag de heer Bolkenstein altijd met een petje op lopen en dacht eraan dat hij op zolder ook een baseballpet had liggen met daarop de woorden DOG. Eens gekregen van een meisje die hij jarenlang tevergeefs achterna was gelopen. Ze had Theodoor verteld dat DOG een hele beroemde Amerikaanse footbalclub was, dus hij was er wat trots op.
De volgende dag.
Het was zeven uur en Theodoor werd met een heel blij gevoel wakker. Gewassen, tanden gepoetst en gegeten, daarna zijn speciale groundsmanpak aangetrokken. Eerst nog een paar witte boterhammetjes met boter en kaas ingepakt en op naar de club. De heer Bolkenstein stond al te wachten. Eerst maar eens het clubhuis openen en de koffiepot aanzetten. Daarna de stofzuiger gepakt en de hele ruimte schoongemaakt. Zo nu eerst een bakje koffie. Daarna de banen controleren. Af en toe een heuveltje gravel plattrappen, de lijnen aanstampen en de netten controleren. Daarna naar de werkplaats en de kleine tractor gehaald. “Ga maar achterin zitten, zei de heer B. nu dat liet Theodoor zich geen twee keer zeggen en nam midden in een hoop gravel plaats. Jammer, dat er nog geen spelers waren om deze eigenaar en zijn vriend, want zo voelde Theodoor zich toch wel, door het park te zien rijden. Er waren wat kuilen in baan 3 en die moesten opgevuld worden en platgewalst. Ondertussen was het negen uur geworden en tijd om de poort te openen om de bardienst door te laten.
“Even wegwijs maken met de kassa, de afwasautomaat en de koffieautomaat”: zei de heer B. “en dan gaan we weer verder”. Eerst maar eens de tuin wat aanharken, daarna het gras maaien en de prullenbakken legen. Daar kwam toch heel wat bij kijken, bedacht Theodoor zich.
Afscheid
Het was 11.00 uur geworden en het was tijd voor een boterham en een kop koffie. Toen ze zo vertrouwelijk naast elkaar aan de bar zaten, vertelde de heer Bolkenstein dat hij de club ging verlaten. Daar ging me een schok door Theodoor heen. Bent u ziek of failliet meneer Bolkenstein. “Noem mij maar Jan”: zei de aangesprokene, “neen, ik ben niet ziek, ik ga alleen mijn positie verbeteren”. Nu wat dat precies inhield wist Theodoor niet, maar het klonk wel indrukwekkend. “Wordt het park dan verkocht?”: vroeg hij. “Nee hoor er komt alleen een ander in mijn plaats”. Goh, dat was toch een domper op de vreugde van dit dagje. “Ik denk”: zei Theodoor, “dat het heel moeilijk zal zijn om zo’n goede groundsman te vervangen”. “Er wordt door u zoveel werk verricht en u bent ook altijd zo vriendelijk, vooral tegen de jeugd”. Jan stond op van zijn barkruk en zei geëmotioneerd; “we moesten maar weer eens verder gaan”. Het hele verdere werkschema werd afgedraaid. Banen sproeien, klusjes verrichten, ballen verkopen, machines schoonmaken en invetten, clubleden met verkeerd schoeisel of kleding even van de baan halen. “Ja, w
ant dat is door het bestuur aan mij gedelegeerd”: zei Jan B. Om half vijf hing Theodoor’s tong op zijn schoenen en liepen ze getwee naar de bar. Zo een pilsje, dan voel je je weer mens. Om zes uur was het tijd om naar huis te gaan. Theodoor had een vermoeide, doch geweldige dag gehad.
ant dat is door het bestuur aan mij gedelegeerd”: zei Jan B. Om half vijf hing Theodoor’s tong op zijn schoenen en liepen ze getwee naar de bar. Zo een pilsje, dan voel je je weer mens. Om zes uur was het tijd om naar huis te gaan. Theodoor had een vermoeide, doch geweldige dag gehad.
“Ik zal je missen Jan Bolkenstein”; zei hij zacht bij het afscheid.








